Ikke Krakkemikke en het Witte Wief (Aris Bremer) 9 pers.

Je wilt niet toveren maar je moet…

Titel: Ikke, Krakkemikke en het Witte Wief
Auteur: Aris Bremer
Speelduur: ca 80 min.
Speelgroep: 9 personen
Decor: Weiland met oude brug, deel van een molen
(ook geschikt voor openluchttoneel)
Uitgave: 1997, Vink nr 9081
tel 0725112407;
info@toneeluitgeverijvink.nl

Friese vertaling van Klaasje van der Veen – de Boer:
Ikke Krakkemikke en it Wite Wiif
Uitgave Vink nr F 66
België:   via Toneelfonds J. Janssens  te Antwerpen
tel +32 (0)3 3664400  info@toneelfonds.be

Korte inhoud:

Bij een mislukte toverkunst zijn de vader en moeder van Ikke omgekomen. Sindsdien woont ze bij een tante. Van dat nare mens moet ze wel tien keer per dag in bad. Bovendien loert die tante op de toverpapieren van haar ouders. En Ikke wil niets meer van toveren weten. Zij wil alles door eigen kracht doen. Dus loopt ze op een dag gewoon weg!

Op een bruggetje over een beek wordt ze tegengehouden door de dorpsjongens Knierp en Knobbel. Maar Ikke is niet bang voor de stoere opscheppers. Ze vertelt dat ze achterna gezeten wordt door Mannetje Mottebal, de vreemde kamerheer van haar tante. Dat maakt indruk. De jongens bieden aan haar te verstoppen.

Ikke wil dat wel. In de oude molen bijvoorbeeld. Dat kan niet, zeggen ze: de molen is behekst. Als de molenaar zich laat zien vluchten de jongens.

Het dorp leeft in angst voor het Witte Wief. Zij komt er niet vaak maar als ze er is en ze is kwaad dan vertoont ze de vreselijkste toverkunsten. Ikke maakt kennis met de molenaar Krakkemikke, een vreemd uitziend heerschap met twee hoofden en vier armen en benen. Ooit waren Krakke en Mikke twee loslopende heren. Het Wief heeft ze kwaad aan elkaar getoverd en nu malen ze als één man kool tot stof voor haar zwarte kunsten.

Als de deftige Mottebal arriveert zit Ikke veilig in de molen. Maar het heerschap luistert een gesprek af. Moeders hangen de was op en praten druk over het vreemde meisje waar hun zoons zo vol van zijn. Hij dreigt met het Wief en bijna verraden de vrouwen waar Ikke is. Door slim optreden van Krakkemikke en de jongens ontspringt Ikke de dans en raakt Mottebal in de molen opgesloten.

Daarmee zijn Ikke en het dorp nog niet uit de moeilijkheden. Het Witte Wief verschijnt in het dorp en Ikke ontdekt dat het haar tante is. Het Wief is vreselijk kwaad op iedereen en tovert erop los. Mottebal wordt een kikker, de moeders worden kippen en Krakkemikke verandert in een hond met twee koppen. En het dorp zou een dierentuin zijn geworden als Ikke en haar vrienden niet een slim plan bedacht hadden. Het Wief wordt door Ikke over de brug gelokt. De jongens hebben daarvan een plank doorgezaagd en het nare mens zakt erdoor en hangt machteloos boven het water.
De betoveringen verliezen hun kracht en iedereen wordt weer zoals hij was. Alleen…. Krakkemikke is nog de dubbele molenaar. Om dat te veranderen is zware toverkracht nodig.

Ikke denkt deze ene keer de toverkracht van haar ouders te moeten gebruiken. Maar Krakke en Mikke verklaren dat ze veel liever blijven zoals ze nu zijn. En er is op de hele wereld immers toch ook maar één dubbele molenaar.

Spelers:

Ikke: meisje onderweg
Knierp: dorpsjongen
Knobbel: dorpsjongen
Krakke: de halve molenaar
Mikke: de andere helft
Witte Wief: de witte dame
Mottebal: haar kamerheer
Moe Kalis: moeder van Knobbel
Moe Mossel: moeder van Knierp

 

 

 

 

    Reacties zijn gesloten.